| De werkplekkenstructuur |
|
Met PiT van Edu’Actief verkent de leerling beroepen in de sector Zorg & Welzijn, zoals bij Werken in een buurthuis. Alle eindtermen voor het examen komen aan bod in realistische beroepssituaties (werkplekkenstructuur). Hierdoor komen leerlingen er op een uitdagende manier achter waar hun interesses liggen en welke opleidingsmogelijkheden er eventueel na het vmbo zijn in de richting Zorg & Welzijn.
Binnen scholen krijgt de werkplekkenstructuur op verschillende manieren vorm. Naast de gevolgen die het heeft voor de inrichting van het leslokaal is WPS bovenal een onderwijskundige visie waarbij het aanleren van beroepsvaardigheden vooropstaat. Praktijkgericht, flexibel en zelfstandig werken zijn kernzaaken in deze competentiegerichte leeromgeving. Het mooie aan een leslokaal waarin groepjes leerlingen zelfstandig hun opdrachten uitwerken, is bovendien dat de docent rond kan lopen en waar nodig extra individuele aanwijzingen of begeleiding kan geven. Afhankelijk van visie en ruimte worden er keuzes gemaakt. Vaststaat dat verschillende werksituaties worden nagebootst, zoals de thuiszorg of de instellingskeuken. Leerlingen werken in groepen in een werkveld en oefenen per projectperiode bepaalde functies uit. Net als in de praktijk werken leerlingen veel samen. PiT is dus voor de leerling dé kennismaking met de praktijk. Met de opdrachten van de methode PiT kan de leerling elke beroepssituatie op een leuke en leerzame wijze verkennen. PiT kent de volgende werkvelden: gezondheidszorg, welzijnswerk, sport, dienstverlening, uiterlijke verzorging. Werken volgens WPS blijkt in de praktijk zeer succesvol en motiverend voor de leerling. |